Boten drankspel

Het boten drankspel is een superleuk drankspel dat je met een aantal personen vanaf twee kunt spelen. Het is een heel spannend spel waarbij er lekker gebluft mag worden en waarbij je niet weet wie welke kaarten heeft. Het boten drankspel is eigenlijk twee spellen in één, waarbij het eerste deel ook wel het piramidespel wordt genoemd, en het tweede deel echt het boten drankspel is. Wil je weten hoe dit meest gespeelde spel, gespeeld moet worden? Lees dan snel verder hoe je zelf dit drankspel kunt spelen!

boten drankspel

Aan het eind van het spel mag iemand gezellig op deze boot!

De spelregels voor het boten drankspel:

Voor dit spel heb je een pakje kaarten nodig zonder de jokers, maar wel goed geschud. Het eerste deel dat ook wel het piramidespel heet, bestaat uit drie of vier rondes: je mag zelf bepalen of je de vierde ronde speelt, maar dat is natuurlijk wel altijd het leukst!

Ronde 1: Rood of zwart
Je vraagt aan elke speler of hij een rode of zwarte kaart wilt. Wanneer hij het fout heeft, moet hij een slok van zijn drinken nemen.

Ronde 2: Hoger of lager
In deze ronde vraag je aan elke speler of de kaart die jij gaat opleggen, hoger of lager is dan de kaart die ze hebben gekregen in ronde één. Hebben ze het hier fout, dan moeten ze weer een slok van hun drinken nemen. Voorbeeld: de kaart die er ligt uit ronde één is een acht. De speler roept lager en krijgt een tien. Dat is fout en dus moet hij drinken.

Ronde 3: Binnen of buiten
Elke speler heeft nu twee kaarten liggen. Aan elke speler vraag je nu of de volgende kaart binnen of buiten de waarde van de beide kaarten valt. Bijvoorbeeld: voor een speler ligt er een acht en een tien. Als de speler binnen roept, dan betekent dit dat hij een acht, een negen of een tien mag verwachten: dan heeft hij gelijk. Alle andere kaarten vallen daar buiten. Heeft de speler het fout, dan moet hij weer een slok drinken.

Ronde 4 (optioneel maar wel heel leuk!): Hartenronde!
In deze ronde vraag je aan de spelers welke soort kaart zij willen hebben: harten, schoppen, klaver of ruiten. Hebben ze het fout, dan moeten ze, je raadt het goed, weer een slok drinken. Een variant op dit spel, omdat je natuurlijk in deze rondes niet heel veel drinkt, is dat je hiervan echt een hartenronde maakt. Dit betekent dat iedereen z’n keuze harten is, en wanneer je geen hartenkaart krijgt, je gewoon moet drinken!

Piramide
Goed, de vier rondes zijn nu voorbij en iedereen heeft vier kaarten (drie als je de vierde ronde niet speelt, maar als je dat niet doet ben je te bang). Nu legt degene die het pakje kaarten in bezit heeft een piramide neer met op de onderste rij vijf kaarten naast elkaar, de rij daarboven vier, enzovoort. Je draait dan telkens één kaart om, beginnend bij de onderste rij, de linker kaart. Als iemand een kaart heeft die dezelfde waarde heeft als de kaart die in de piramide ligt, dan mag hij die kaart erop liggen en een aantal slokken uitdelen aan een persoon (of meerdere personen) naar keuze. De kaarten op de onderste rij tellen één slok voor elke kaart, de tweede rij twee slokken, de derde rij drie slokken enzovoort. Leg je meerdere kaarten op één kaart in de piramide, dan mag je dat aantal slokken uitdelen maal de rij kaarten waarop je zit. Leg je dus twee kaarten neer op een kaart in de derde rij, dan mag je twee keer drie slokken uitdelen.

Boten!!!
Als het piramidespel gespeeld is, moet degene die de meeste kaarten over heeft, de boot in. Als er meerdere spelers zijn met hetzelfde aantal kaarten en allemaal het minst, dan schud een speler die niet de boot in hoeft het pakje kaarten en legt deze uitgespreid op tafel. De spelers die in principe de boot in moeten, pakken een kaart naar keuze. Degene met de hoogste kaart, moet de boot in. Dan wordt het pakje kaarten weer geschud en worden er vijf kaarten open naast elkaar neergelegd. De speler in de boot mag zeggen of ze van links naar rechts of andersom gelegd moeten worden. Dan moet hij voor elke kaart die er ligt, zeggen of de kaart die hij gaat krijgen van het gesloten pakje kaarten hoger of lager is dan de waarde die er al ligt. Heeft hij het goed, dan gaat hij door naar de volgende kaart en moet ook daar weer hoger of lager aangeven. Wanneer je het fout hebt, neem je een slok corresponderend met de kaart waarop je zit. Zit je op de eerste kaart en heb je die fout, dan neem je één slok. Zit je al op je derde kaart en heb je die fout, dan moet je dus drie slokken nemen. Daarna ga je ook weer terug naar de eerste kaart en begin je opnieuw. Er komen dus telkens nieuwe kaarten op te liggen! Je mag stoppen als het pakje kaarten op is, maar je kunt dan ook de bovenste kaarten neerleggen als nieuw spel en alle overige kaarten schudden en weer verder gaan. Alleen voor echte die-hards!